Kolet Janssen

auteur

Elkaar groeten: wat is er aan de hand?

11 mei 2017

Vlaamse meisjes die naar Iran mogen voor de informatica-olympiade, krijgen geen hand van de ambassadeur. Hij zal hen begroeten met een hoofdknik. De jongens krijgen wel een hand. Is dat een probleem?

Je kunt mensen op de meest uiteenlopende manieren groeten. Je steekt even kort je hand op, je knikt of knipoogt, je zwaait, je geeft ze een hand of je kust ze een of meerdere keren op de wang. Ook schriftelijk zijn er heel wat varianten: ‘geachte’, ‘beste’ of ‘hi!’ wisselen elkaar af in mijn mailbox. Wat je wanneer gebruikt, hangt af van de persoon en de omstandigheden. Tot zover zijn we het allemaal eens.

Dat er op vergelijkbare plekken soms heel andere gewoontes heersen, is een bron van vermaak. Op de ene school roept een leraar vrolijk ‘Goeiemorgen!’ als hij de leraarskamer binnenkomt, op de andere gaat hij alle collega’s met een handdruk begroeten, en als je wat meer naar het zuiden van ons land afzakt, krijg je elke ochtend een kus van al je collega’s. In het ene land omarmen en zoenen mannen elkaar van harte bij een ontmoeting, in het andere houden ze het bij een stevige handdruk en desnoods een klop op de schouder.

Wie van omgeving verandert, moet wennen aan de lokale gebruiken. Je past je aan aan wat gebruikelijk is op jouw werk, in jouw buurt, in je land. Meestal is er namelijk inhoudelijk weinig of geen verschil: elke manier van groeten is een teken van respect en van hartelijkheid. In sommige landen probeer ik te vermijden om als vrouw als eerste de hand uit te steken bij een begroeting, omdat ik niet zeker ben van de impact van mijn gebaar. Ik voel mij net zo veel begroet als iemand mij aankijkt en zijn hoofd naar mij neigt of zijn handen voor zijn borst vouwt en knikt. Natuurlijk vergeet ik mijn voornemen regelmatig en dan merk ik dat de mensen die ik ontmoet, mijn uitgestoken hand vriendelijk glimlachend negeren om mij niet in verlegenheid te brengen. Zolang ze MIJ niet negeren, heb ik daar geen probleem mee.

Mogen we verwachten dat mensen uit andere culturen met andere gewoontes hun begroetingsvorm aanpassen als ze in ons land zijn? Eigenlijk wel. Net zoals je ‘dank u, alsjeblieft en goedendag’ leert zeggen in de lokale taal van zowat elk land waar je verblijft, ook al is het slechts kort. Zo pas je ook je stijl van begroeting aan, tenminste voor openbaar gebruik. Elkaar de hand schudden is hier de meest gebruikelijke formele begroetingsvorm, dus in werksituaties en het publieke domein moet iedereen daarmee leren leven. Ook al weten we dat het in de winter een bron van bacteriënuitwisseling is, toch schaffen we dat gebruik niet zomaar af. Het geeft ons – letterlijk – houvast als we een onbekend iemand ontmoeten en het bevestigt het contact als je elkaar al wat langer kent. Een handdruk vertelt bovendien veel over het karakter en de graad van engagement bij de ontmoeting: er zit veel tussen een slap, wegglijdend zweethandje en een stevige knuist die minutenlang je hand fijnknijpt.

Mensen die hier (komen) wonen, moeten er dus aan wennen: handjes schudden hoort er voor ons bij. Met hun vrienden kunnen ze andere gebruiken in ere houden, maar in het openbaar zullen ze niet om onze uitgestoken hand heen kunnen. Behalve natuurlijk als ze op een ambassade werken: want dat is bij uitstek de plek waar je iets leert over het land dat er vertegenwoordigd wordt. Onze Vlaamse leerlingen met een sterke informaticaknobbel ervaren nu al dat ze in Iran in een andere leefwereld zullen worden ondergedompeld. Het is fair dat de ambassadeur van Iran dat alvast van tevoren laat weten, zodat niemand zich opgelaten hoeft te voelen. Via een ambassade kom je immers in contact met dat andere land en leer je zo je eigen gewoontes even ‘on hold’ zetten. Een interessante les, die verder gaat dan de informaticakennis van onze jongeren, maar hen wellicht evenveel bijleert over de grote wereld.

Met genderongelijkheid heeft dit niets te maken. Ook in ons land doen mannen en vrouwen niet altijd hetzelfde als ze elkaar begroeten. Meisjes en jongens zijn even welkom op de informatica-olympiade in Iran. Zolang dat het geval is, is er dus niets aan de hand. Laten we onze verontwaardiging sparen voor situaties waar jongens en meisjes écht niet dezelfde kansen krijgen.

Een reactie op “Elkaar groeten: wat is er aan de hand?”

  1. Trees Vandenbussche schreef:

    Eigenlijk ben ik blij met deze duiding. Ik
    heb weet niet goed of ik voor of tegen aanpassing in het gastland moet zijn, zeker wanneer het gendergerelateerd is. Zou ik een hoofddoek dragen in een mooie islamitisch land? Ik weet het niet. Ik zou me zeker wel heel zedig kleden, en misschien wel een hoofddoek om mijn goodwill te tonen. Dat doet niet zeer, zou ik vroeger gezegd hebben. Zo vind ik al jaren de hetze rond de hoofddoek in Vlaanderen dom. Wel vind ik dat mensen respect moeten tonen voor andere mensen en dat doe je niet door gewoontes te bekritiseren, niet van begroeting, niet van kleding.
    … als je maar op de hoogte bent zodat je niet in gênante situaties terecht komt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *