Kolet Janssen

auteur

Efemeer

22 oktober 2020

Soms heb je andere talen nodig om te beseffen wat je in je eigen taal zegt. Altijd een belangrijk argument voor het leren van vreemde talen.

Zo fietsten wij een tijdje geleden door het mooie landschap van Waals-Brabant, toen we een wegwijzer spotten naar een ‘restaurant éphémère’. Ik was meteen gefascineerd. Wat zou dat voor een feeërieke plek zijn? Want ‘efemeer’ betekent toch zoiets als kortstondig, vergankelijk, vluchtig, voorbijgaand. Allemaal eigenschappen die ik in dit seizoen van het jaar en van mijn leven steeds vaker tegenkom. Wat zou dat inhouden voor een restaurant? Ik dacht al aan een plek onder de takken van een treurwilg, op boomstammen, met enkel variaties van paddenstoelen op het menu.

Mijn echtgenoot doorprikte mijn fantasie. ‘Dat is gewoon een pop up restaurant’, zei hij nuchter. Hij had gelijk. In het Frans gebruiken ze wel vaker eigenzinnige uitdrukkingen in plaats van de Engelse over te nemen.

Maar al is het een vertaling, toch is de sfeer helemaal anders. Pop up doet denken aan dingen die te pas en te onpas uit de grond schieten, op de meest ongelukkige plaatsen. Dingen waar je tegenaan botst en die vaak in de weg staan. Ik hoor er een irritant plopgeluid bij.

Efemeer heeft een klank van verrassing en ontdekking, van belofte en verleiding. Je wil het niet missen, want het blijft niet voor eeuwig. Je gaat ernaar op zoek en je doet moeite om het te vinden.

Ik zou veel liever naar een efemeer restaurant gaan dan naar een pop up. Alleen stelt het probleem zich niet, want ze zijn allemaal weer dicht.

Al onze genoegens worden met de dag meer efemeer. Alles ruikt sterk naar vergankelijkheid. Alleen met je ogen dicht ruik je in de verte de belofte.

(Afb. van Juan Gomez via Unsplash)

3 reacties op “Efemeer”

  1. Stefaan schreef:

    Heb je iets leuks te vertellen over een jeugdherinnering of alleen in grote gezinnen gangbaar? …als zussen of broers op zelfde moment iets zegden mocht men een zacht kneepje geven zo snel als mogelijk in de ander zijn armvel met het snel zeggen van de woorden : gij de neep en ik het geluk… dan won je precies iets van je prestige of uniciteit terug ? Sd

    1. Kolet Janssen schreef:

      Ja, ik herinner me dat vaag… Leuk!

  2. Noël Tobback schreef:

    Ze hebben het al zwaar te verduren. en nu dit. al voor de tweede keer. Ze stellen hun huis ter beschikking om anderen het aangenaam te maken vaak op momenten dat anderen uitrusten.”De sector is zwaar getroffen’ zegt men.Maar het gaat om mensen die zich opofferen. Ik ben geen restaurantbezoeker. Wat dat betreft is het even minder. Wat me boeit zijn hun namen. Zo reed ik eerder al eens voorbij ‘Effe binne’ vaak een straat alom om er even binnen te gaan. Er was altijd wel iets om het niet te doen: geen parking, net iets te binnen schieten dat dringender was… enz. Ik geloof dat de sfeer vooral telt: voldoende plaats, het zicht naar buiten, de kleur van de stoelen, wat er aan de muur hangt…Wat er gegeten wordt is geen punt. Wat er gedronken wordt nog minder. Voor de kok zelf is het; The proof of the pud is the eating’ Hij vermoed dat het zijn reputatie is. Het gaat om genieten. Aan de terrasjes kun je zien dat de mensen het er van nemen. We laten het breed hangen. We denken niet aan de dag van morgen. Kijk naar de bloemen op het veld.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.