Kolet Janssen

auteur

Met de handen in het haar

18 april 2021

In heel wat oude verhalen spelen de haren van de hoofdpersoon een rol. Denk maar aan Rapunzel, die haar prins omhoog liet klimmen langs haar vlecht.

Zelf voel ik me de laatste tijd eerder de baron van Münchhausen, die zichzelf aan zijn eigen haren uit het moeras trekt. Want zo voelt het stilaan om er ondanks alles toch maar de moed in te blijven houden. Hoe harder we trekken, hoe hoger we komen, maar we houden er wel een pijnlijke schedel en een stijve nek aan over. En als we er te lang over nadenken, zien we misschien ook dat het helemaal niet kan. En dan gaan we echt kopje onder.

Steeds meer mensen zitten met de handen in het haar.

In de bijbel staat een prachtig verhaal over iemand die met zijn wilde haren in de problemen kwam: Absalom, de zoon van koning David. Hij was de knapste man van het land. ‘Van voetzool tot kruin was er niets dat hem ontsierde’, staat er in de tekst. Hij had een dikke bos haren. Elk jaar moest hij zijn haren knippen, anders werden ze te zwaar. Een oogverblindende verschijning!

Absalom wilde zelf koning worden en organiseerde een samenzwering tegen zijn vader, die slechts op het nippertje mislukte. Toen hij op de vlucht sloeg, werd zijn weelderige haarbos hem fataal. Hij raakte met zijn haren verstrikt in de takken van een boom en raakte niet meer los. De soldaten van David vonden hem en zo kwam hij aan zijn einde.

Als David hoort dat zijn zoon Absalom dood is, wordt hij overmand door verdriet. ‘Absalom, mijn zoon Absalom!’ roept hij uit. Ondanks het verraad van zijn zoon, kon hij niet blij zijn om zijn dood. Tot zijn legeraanvoerder hem tot de orde roept, omdat de koning zijn dappere soldaten moet prijzen in plaats van te rouwen over de verrader.

De band tussen ouders en kinderen kan wel tegen een stootje, toen en nu. Zelfs ruzie en verraad krijgen de liefde van David voor Absalom niet klein. Zelfs een pandemie en maandenlange afstandsliefde krijgen de band tussen ons en onze familieleden en vrienden niet kapot.

Daarvoor trekken we onszelf desnoods nog een poosje langer met onze eigen haren uit het moeras. Wat de baron van Münchhausen kon, kunnen wij ook en beter. Dus als je nog eens iemand letterlijk en figuurlijk met de handen in het haar ziet zitten, dan weet je wat hij of zij aan het doen is. En een duwtje in de goede richting helpt altijd.

(Kerknet.be 18 april 2021, afb. van Marta Boixo via Unsplash)

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.