Kolet Janssen

auteur

Swabben

22 mei 2020

‘Ik ben geswabd’, zegt mijn buurvriendin bij haar dagelijkse ochtendpraatje op afstand bij mijn voordeur. Ik kijk haar niet-begrijpend aan. Is dat iets goeds of iets slechts?

Ik kan het niet afleiden uit haar gezichtsuitdrukking, ook al draagt ze geen mondmasker.
Ze ziet mijn verwarring en legt uit dat ze een coronatest heeft ondergaan op het werk. De aanleiding was dat ze wat keelpijn had.
‘Ben je ongerust?’ vraag ik.
Ze haalt haar schouders op. ‘Het voelt gewoon als keelpijn’, zegt ze. ‘En ik heb ook geen koorts. Het zal wel niks zijn.’
We knikken allebei. ‘Laat iets weten als je de uitslag hoort’, vraag ik.
We negeren het verder in ons gesprek, dat gaat over hoe we onze kinderen kunnen zien, welke nieuwe uitdagingen corona meebrengt voor het werk, en hoe heerlijk het weer is.

Het blijft in mijn hoofd spoken. ’s Avonds heeft ze nog niks gehoord. Het kan wel enkele dagen duren, denkt ze.
Een dag later krijg ik een berichtje: ‘De test is negatief.’ Opluchting toch. De keelpijn is daarmee niet weg, maar hij krijgt een ander, luchtiger smaakje.
De kans om ziek te worden is klein, maar ze bestaat.
De kans om ernstig ziek te worden is nog kleiner, maar het kan.
De kans om het niet te overleven is uiterst klein, maar niet uitgesloten.
‘Er is meer kans om overreden te worden’, spreken we elkaar moed in.
Alleen kijk je die kans niet zo direct in de ogen.
Want je kunt er niet voor swabben.

(Afb. van Vesna Harni via Pixabay)

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.