Kolet Janssen

auteur

Tanden

23 september 2021

‘Ik heb een nieuwe eetkamer en het was een dure!’ hoor ik een man tegen zijn vriend zeggen. In tegenstelling tot mij, snapt die vriend meteen waarover het gaat. De man heeft blijkbaar een nieuw gebit.

Ik weet dat een balkon soms een boezem betekent, dat je neus weleens spottend je voorgevel wordt genoemd en dat een dikke trom over een ronde buik kan gaan. Maar die eetkamer is nieuw voor mij.

Tanden zijn voor mensen een levenslange zorg. Zogende moeders klagen over de scherpe tandjes van hun baby’s. Wisselende communicantjes tonen fier de gaten tussen hun voortanden. Geen enkel kind gelooft echt in de tandenfee, maar toch leggen ze allemaal hun uitgevallen tandjes onder hun kussen. En al voordat een kind kan stappen, moeten zijn tandjes dagelijks worden gepoetst.

Later wordt een bezoek aan de tandarts vaste prik en is het telkens hopen op geen of zo weinig mogelijk gaatjes. En dan volgen vaak jaren van beugels, totdat alles perfect op de goede plek staat. Een smile met een perfect gebit geeft je blijkbaar een boost in het leven. Bovendien heb je je tanden nodig om van je eten te kunnen genieten.

Vandaar dus de nieuwe eetkamer. Ik bekijk de man met nieuwe ogen. En ik druk mijn kleinzoon op het hart dat hij zijn kersverse voortandjes in ere moet houden, omdat ze nog heel lang moeten meegaan. Pas dan herinner ik mij dat mijn vader zoiets ook tegen mij heeft gezegd, heel lang geleden…

(Afb. van Pezibear via Pixabay)

 

Een reactie op “Tanden”

  1. Noël Tobback schreef:

    “Toen ze dit hoorden begonnen ze te knarsetanden” uit ‘Weg van God’ p 298

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.