Druk in de kerststal
25 december 2025

STER
Ik ben een ster. Ik sta hoog in de lucht.
Alleen als mensen omhoogkijken, zien ze mij.
Soms wijs ik ze de weg.
Drie wijze mensen volgen mij al dagenlang.
Waarnaar zijn ze op zoek?
Vandaag zullen ze het vinden.
Want vandaag blijf ik stilstaan.
Op een plek waar iets heel bijzonders is gebeurd.
KAMEEL
Ik ben een kameel. Ik reis over bergen en dalen.
Dwars door de woestijn en over de velden.
Ik word niet moe.
De wijze op mijn rug heeft haast.
Hij moet ergens naartoe.
Hij hoeft niet bang te zijn, ik breng hem wel.
Want ik wil er ook graag bij zijn.
WIJZE
Ze noemen mij een wijze.
Omdat ik let op wat er te zien is.
Een ster in de lucht is een teken van hoop.
Ik volg de ster.
Ik wil zien wie de vrede brengt bij de mensen.
Ik denk dat we er bijna zijn.
God is vandaag dicht bij alle mensen.
Zo komt er misschien vrede.
Dat wil ik niet missen.
Ik wil daarbij horen. Ik wil eraan meedoen.
SCHAAP
Ik ben een schaap, maar ik ben niet dom.
Nog voordat mijn herder het merkte, hoorde ik ze al:
Zingende engelen in de lucht.
Hals over kop gingen mijn herder en zijn vrienden op weg.
En wij, de schapen, huppelden mee.
Natuurlijk willen wij er ook bij zijn!
De engelen zongen iets over een kind.
Dat willen wij zien!
ENGEL
Ik ben een engel. Samen met mijn vrienden en vriendinnen zong ik een heel mooi lied.
De schapen en de herders schrokken ervan.
Maar wij zegden dat ze niet bang hoefden te zijn.
Als God dicht bij de mensen komt, is dat heel goed nieuws.
Er is een kind geboren, een heel speciaal kind.
Het brengt vrede bij de mensen.
Zouden de mensen meedoen?
Iedereen moet het weten.
Daarom zingen wij zo luid!
HERDER
Ik ben een herder en ik was diep in slaap na een dag hard werken.
Eerst dacht ik nog dat ik droomde, toen ik dat lied hoorde.
Maar de schapen waren klaarwakker en toen zagen wij ze ook:
Engelen! Die zongen over een kind en over vrede!
We moeten er naartoe. Nu meteen!
Misschien wordt alles nu beter.
Misschien horen alle mensen er nu bij. Wij ook, al zijn we maar herders.
Daar in de verte zie ik een stal.
Zou het daar zijn?
EZEL
Ik ben de ezel van Jozef en Maria.
Ik ben heel voorzichtig naar hier gestapt.
Want in de buik van Maria zat een kindje.
Het was bijna klaar om geboren te worden.
Jozef bracht ons naar een stal.
Er stond al een os, die me rustig groette.
Wij dieren zijn er klaar voor.
De mensen zijn er nog niet. Die zijn nog onderweg.
Dan wordt Jezus geboren, hier bij Maria en Jozef.
Maria is zo blij! En Jozef ook, al loopt hij van alles te regelen.
Weet hij dan niet dat ik hen ook weer verder zal brengen, als ze daaraan toe zijn?
Want ik ben een trouwe ezel.
OS
Ik ben een os en ik woon in een stal.
Weet je wie er hier vanavond kwam aanwaaien?
Een man en een vrouw op een ezel.
En voordat ik gewend was aan al dat gezelschap, werd er ook nog een kindje geboren!
Ach, wat is dat toch mooi!
Een mensenkind dat recht van God komt.
Vrede en liefde liggen dan opeens voor het rapen.
Ik ben helemaal ontroerd.
Van mij mogen ze blijven zolang ze willen.
Maar ik hoor het al: er komt nog meer volk aan!
Schapen? Kamelen? Herders? Wijzen?
Dit kind is een teken van hoop voor iedereen.
En dus wil iedereen erbij zijn.
JOZEF
Ik ben maar een gewone timmerman. Mijn naam is Jozef.
Mijn leven staat al maandenlang op zijn kop.
Al sinds mijn Maria een kindje verwacht.
Engelen vlogen bij ons thuis af en aan.
Ik begrijp lang niet alles wat ze vertellen.
Maar ik weet dat ik van Maria hou en ook van dat kindje.
Ik zal alles doen om hen te beschermen.
Hier in Betlehem vonden we een plek in een stal.
En daar is Jezus geboren.
Een doodgewoon kindje, en toch heel speciaal.
Met hem zal God iets nieuws beginnen, zei de engel.
Gods rijk van vrede groeit en groeit.
Wij doen allemaal mee.
Maar eerst moet ik ergens iets te eten vinden.
Hoor ik daar stemmen? En blatende schapen?
MARIA
Mijn naam is Maria.
Mijn hart is zo vol dat het bijna uit elkaar spat van geluk.
Mijn kindje, Jezus, is geboren.
Zomaar in een stal, terwijl we op reis waren.
Maar wat doet dat ertoe?
God is overal. En Hij is altijd dicht bij ons.
Met Jezus komt er weer hoop.
Hij zal opkomen voor wie pijn en verdriet heeft.
Voor wie uitgebuit of onderdrukt wordt.
Alle mensen zijn kostbaar in de ogen van onze God.
Dat komt mijn Jezus jullie vertellen.
Vandaag en alle dagen die nog zullen komen.
JEZUS
Ik ben Jezus. Vandaag, op Kerstmis, is het feest van mijn geboorte.
Ik zie hoeveel iedereen van mij verwacht:
Mijn moeder en mijn vader.
De herders met hun schapen.
De wijzen op hun kamelen.
Zelfs de engelen en de sterren in de lucht.
God woont in mijn hart.
Altijd en overal. Zo kan ik mensen vrede brengen.
Iedereen hoort erbij. Niemand staat alleen.
Als mensen het voor elkaar opnemen, gebeuren er wonderen.
Daarom is Kerstmis een feest van vrede.
Doen jullie mee?
(tekst geschreven voor de INC-viering van Universitaire Parochie Leuven op 25 december 2025)
;)
;)
;)
;)
;)