Kolet Janssen

auteur

Troosten, hoe doe je dat?

15 maart 2026

Het lijkt meer een onderwerp voor november, maar dit is nu eenmaal het volgende geestelijke werk van barmhartigheid op mijn vastenlijstje: de bedroefden troosten.

Troosten is lastig. Alles wat je zegt, lijkt hol. ‘Innige deelneming’, terwijl je natuurlijk niet echt kunt deelnemen aan wat zo verschrikkelijk is, laat staan op een innige manier. ‘De mooie herinneringen zullen altijd blijven’, terwijl wie iemand heeft verloren, niet weet hoe te leven met niet meer dan herinneringen. Een warme omhelzing is beter dan niets, maar hoe lang kan iemand daarop teren?

Nog erger is het als mensen het verdriet gaan toedekken of wegpraten. ‘Hij had toch een mooie leeftijd.’ ‘Je moet verder, hè.’ Dat maakt de pijn misschien nog rauwer.

Wie verdriet heeft, is niet op zoek naar een oplossing of naar goede raad. Niets of niemand kan het verdriet wegnemen. Troosten is dan toch in de buurt blijven, vaak zonder woorden. Soms door iets te doen wat gedaan moet worden: koken, kinderen halen en brengen, boodschappen of de was doen. Troosten is een hardnekkige vorm van iemand geregeld voor de voeten lopen om hem niet alleen te laten.

Troosten is hard werken. Het is blijven staan naast iemand die bijna omvalt. Niet even, maar zo lang als het nodig is. Het is luisteren naar verhalen met te veel details, die je al te vaak hebt gehoord. Maar die iemand nodig heeft om telkens weer te vertellen en zo stilaan te kunnen leven met wat er is gebeurd.

Troosten is iemand helpen om niet om te vallen. Of iemand overeind helpen en laten leunen.

Ik heb het altijd frappant gevonden dat Johannes de heilige Geest ook wel ‘de Trooster’ noemt. Voor alle pijn in ons bestaan mogen we leunen tegen de Geest van God. We mogen ons verdriet in zijn/haar handen leggen. Een leven lang.

(Otheo.be, photo by Gus Moretta on Unsplash)

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.